Op donderdag 30 oktober speelden twee van onze vrolijke Fransen tegen elkaar. Daar waar iedereen verwachtte dat Frans Héman voor de Franse opening zou kiezen, vertrouwde hij meer op de chauvinistische Hollandse Verdediging. Op zich is dat een goede keus, zeker wanneer men de Stenen Muur (Stonewall) gaat spelen. 
Frans koos echter voor de tweesnijdige Leningrader variant. Deze Leningrader opening vraagt zeer nauwkeurig spel van de zwartspeler. Frans Lipperts koos niet de sterkste bestrijding van deze frivole opening, maar wist desondanks beter uit de opening te komen. Frans H rechtte zijn rug en nam met de tweezet ......e7-e5-e4 het heft in handen.

Het cursief gedrukte deel is het commentaar van Frans Lipperts.
Om beide Fransen van elkaar te kunnen onderscheiden, heb ik de één Frans L genoemd en de ander Frans H........of was het net andersom?


Lipperts, Frans -   Héman, Frans ,       Klimmen 30 okt 2014


1. d4 f5 2. c4 Nf6 3. Nc3 g6
De inleiding tot de Leningrader Variant van het Hollands. In de praktijk kom je deze opening niet erg vaak tegen. De hoofdreden hiervoor is dat wit met het opspelen van de beide pionnen een grote concessie doet op de koningsvleugel. Op het allerhoogste niveau spelen o.a.  Mamedyarov, Polgar J, Vallejo Pons dit af en toe. De grootmeester Malaniuk is een groot aanhanger van het zwarte systeem. 

4. Bg5

Frans L speelt een 
ontwikkelingszet in de lijn van de Gouden Regels van de Opening. Ik wil graag bij deze zet stilstaan. In sommige stellingen worden zetten gespeeld die op het oog logisch lijken en waar niets mee aan de hand lijkt te zijn. Dit noemen we sjablonezetten. In elke stelling en vooral in de openingsfase is het van belang dat elke zet "raak" is. In de stelling na 3....g6 is het nog niet geheel duidelijk waar de witte dameloper zich het prettigst voelt. Er zijn genoeg velden zoals g5,f4 en misschien ook b2 waar deze loper naar toe zou willen gaan.

Wat had je hier als alternatief plan kunnen verzinnen? De 
ontwikkeling van de loper naar g2 om de velden e4 en d5 te controleren is een idee. Het aantasten van de zwarte opstelling met e4 is een ander idee. Ik wil vooral de aandacht schenken aan een heel moderne aanpak. De opstelling f5 en g6 verzwakt in een vroeg stadium enkele velden op de koningsvleugel. In het moderne schaak probeert men daar meteen gebruik van te maken door het spelen van
4. h4 


Deze zet wordt bijvoorbeeld door de toppers Topalov, Radjabov, Dreev en Nakamura gespeeld. De bedoeling is met h4-h5 de h-lijn te openen, vervolgens de kwaliteit op h5 te offeren om de zwarte koning tenslotte mat te zetten.
4...d6
Wit kan ook lekker aanvallen na  4... Bg7 5. h5 Nxh5 6. e4 fxe4 7. Rxh5 gxh5 8.Qxh5+ Kf8 9. Bh6 Bxh6 10. Qxh6+ Kg8 11. Qg5+ Kf7 12. Nxe4 Qg8 13. Qf4+ Ke8 14.Qxc7 Nc6 15. O-O-O Qg6 16. Re1 Kf7 17. d5 Nb4 18. Nf3 d6 19. Neg5+ Kg8 20. Qd8+ Kg7 21. Rxe7+ Kh6 22. Nf7+ Kh5 23. Re5+ dxe5 1-0 Nakamura,H (2701)-Barron,M (2252)/ Toronto 2009

5. h5 Nxh5

6. Rxh5 gxh5 7. e4 Be6 8. Be2 Bg7


Ook na 
8... c6 9. Bxh5+ Bf7 10. Bxf7+ Kxf7 11. Nh3 Nd7 12. Qh5+ Kg8 13. Qxf5 is de witte aanval te sterk. Bijvoorbeeld 13.....Bg7 14. Qe6+ Kf8 15. Ng5 Qe8 16. Be3 h5 17. O-O-O Nf6 18. e5 dxe5 19. dxe5 Ng4 20. Bd4 Rh6 21. Qf5+ Kg8 22. f3 c5 23. Bxc5 Nxe5 24.f4 Nc6 25. Re1 Bxc3 26. bxc3 e5 27. fxe5 Qg6 28. Qf4 Qg7 29. Qd2 Rd8 30. Bd6 Ne7 31. c5 Rg6 32. Ne4 Rxg2 33. Qd1 Qh6+ 34. Kb1 Qg6 35. Ka1 Qf7 36. Nf6+ Kg7 37. Qb1 Ng6 38. Nxh5+ Kh6 39. Rh1 Kg5 40. Nf6 Qc4 41. Rh5+ Kf4 42. Qf5+ Ke3 43.Rh3+ Kd2 44. Ne4+ Kc2 45. Nf2+ Kd2 46. Rd3+ Qxd3 47. Qxd3+ Ke1 48. Qe3+ Kf1 49.Nd3
1-0 Dreev,A (2711)-Dovliatov,S (2411)/Baku 2011

9. Bxh5+ Kd7 10. d5 Bg8 
11. exf5 Qf8 12. Bg4 Bf6 13. Nge2 Na6 14. Be3 Bf7 15. Ne4 Rg8 16. Bh3 Kc8 17.Qd2 Be8 18. Rc1 c5 19. Nf4 Bd7 20. Ne6 Qf7 21. a3 b6 22. b4

Wit heeft meer dan voldoende compensatie voor de kwaliteit. I love that octopus!

Nc7 23. bxc5 bxc5 
24. Nxc7 Kxc7 25. Qa5+ Kc8 26. Nxc5 a6 27. Nxa6 Rxa6 28. Qxa6+ Kd8 29. Bb6+ 
1-0 Radjabov,T (2729)-Vallejo Pons,F (2679)/Monte Carlo 2007


4... Bg7 5. Nf3 
d6
Deze stelling is slechts één keer op hoog niveau gespeeld tussen Sambuev 
(2523)-Pechenkin(2334), 2012. De witspeler ging verder 6.Dc2 0-0 en keerde terug naar het aanvalsplan met 7.h4.

6. g3
Het fianchetteren van de 
koningsloper in combinatie met Lg5 ziet er niet natuurlijk uit. Ik zou nu een plan kiezen met 6.e3 of 6.h4.

6..O-O 7. Bg2 Nbd7
7... Ne4 maakt het wit iets 
lastiger.

8. O-O
8. Qc2 om e4 voor te bereiden is het basisidee in deze stelling.

8... a6 
9. a4
Profylactisch gedacht. Wit wil het tegenspel met b7-b5 tegenhouden. De 
zet is echter te langzaam; in de schaaksport noemt men dit ook wel "halve zetten" Er was een meer dynamische oplossing aanwezig waarbij wit tevens een stuk ontwikkelt. Ik denk hierbij aan 9. Qc2 De dame kijkt naar e4, zij verbindt de torens en zwart kan nog steeds geen ....b7-b5 opspelen. Het is belangrijk om in de partij te zoeken naar de "meest nuttige" zetten. Na de tekstzet geniet de witte stelling de voorkeur omdat de verzwakking van de witte velden rondom de zwarte koning permanent is.

9... Qe8
Deze zet past goed 
binnen het zwarte systeem. De dame helpt een handje met het verdedigen van de witte velden en bereidt de opmars ....e7-e5 voor. De zet valt echter onder de sjablone-zetten. Zwart staat statisch gezien minder vanwege zijn witte-veld problemen. Het is handig om dan dynamisch te spelen om de koers van het spel te veranderen. Na 9... Ne4 wordt wit meer uitgedaagd om zijn voordeel aan te tonen. De partij zou kunnen verder gaan met 10. Be3 (De trieste consequentie van 4.Lg5 is dat de loper nu weer terug moet.)  10....Nxc3 11. bxc3 Qe8 12. Qb3 Nf6 13. Rab1 en de witte stelling speelt iets makkelijker.

10. Re1


Hoe kan ik in een bepaalde stelling de juiste zet of het juiste plan vinden? Een handigheid hierbij is het stellen van de volgende drie vragen:
a) Wat is mijn slechtste 
stuk?
b) Waar zijn de zwaktes?
c) Wat is de bedoeling/dreiging van de laatste 
zet van mijn tegenstander?
Als we naar de stelling kijken dan is de witte 
ontwikkeling niet afgerond. De zware stukken (dame en torens) moeten nog ontwikkeld worden. De zwakte binnen het zwarte kamp is de diagonaal a2-g8.
Zwart wil zich graag met de opmars ....e7-e5 bevrijden. Nu is het zaak om deze drie antwoorden te laten convergeren naar de juiste zet(ten).
10. Qb3 ! e5 11.
dxe5 dxe5 12. Be3 Ng4 13. c5+ Kh8 14. Nd5 Nxe3 15. Qxe3 Qd8 16. Rfd1

 10... e5!
Frans H maakt goed gebruik van de geboden kans. Dit is de enige zet waar zwart "mee gaat doen" met de partij.

Hier heb ik een tijd 
nagedacht: d5 wilde ik niet spelen vanwege de diagonaal van Lg7, anderzijds sluit e3 mijn loper af. Na 11. ... e4 heb ik die daarom eerst geruild. In de nogal gesloten stelling zijn zwarts lopers denk ik niet echt sterk.(FL

Het overpeinzen van de opmars 10.d4-d5 is zeker de aandacht waard. Het is inderdaad waar dat de diagonaal van Lg7 verlengd wordt. Een ander belangrijk aspect is dat de aanwezige zwaktes (witte velden) door het sluiten van de stelling moeilijker (bijna niet) bereikbaar zijn. Het zou mooi zijn wanneer wit van het sterke veld d5 (Pc3,c4,Lg2,Dd1) gebruik kan maken. Een wit stuk op d5 kan moeilijk verjaagd worden met ....c7-c6 omdat dan de velden d6 en b6 verzwakt worden.

11. e3
Dit oogt erg voorzichtig. Na het openen van de stelling met 11. dxe5 Nxe5 12. Nxe5 Qxe5 13. Qd3 heeft wit nog steeds voordeel vanwege het beheersen van meer ruimte.

11... e4 !


Met twee krachtige zetten heeft zwart de stelling naar zijn hand weten te zetten. Zwart bezit nu meer ruimte en staat zeker niet meer minder.

12. Bxf6
Ik geef de voorkeur aan 12. Nd2 om zwart moeite te laten doen om het loperpaar te krijgen.

12... Bxf6 13. Nd2 c6 14. b4
Zwart beheerst het centrum en staat daarom een tikkeltje beter.Wit zoekt compensatie op de damevleugel.

14...Qf7 15. Qc2
Een interessante zet is 15. a5! om de zwakte b6 vast te leggen. Het wordt voor zwart dan moeilijk om zijn b-pion op te spelen. Dit kan voor wit een belangrijke troef worden in een eindspel.

15.....Rab8 
Liefst had ik hier eerst nog een ondersteunende zet als Lf1 gespeeld maar ik dacht dat ik b5 niet moest toelaten.(FL)

Frans H had nu zelf 15... a5 moeten spelen, met als mogelijk vervolg 16. b5 c5 en de zwakte op b6 speelt geen rol van betekenis meer.

16. b5
Ik denk dat Frans L gelijk heeft. Je laat niet zomaar je tegenstander terreinwinst boeken met de opmars .....b7-b5. Je kunt dit doen door zelf b4-b5 te spelen. Er zijn ook andere manieren. Met de opmars 16. c5 !? verovert wit terrein en legt tevens de zwakte op b6 vast. Een leuke bijkomstigheid is dat veld c4 vrijkomt voor stukken.

16... axb5 17.axb5 Nb6 ?!
Het gevaarlijkst voor wit is de opmars 17... c5 om de loper op f6 de held van de dag te maken.

18. Bf1
De loper staat op f1 een stuk beter dan op g2. Toch valt deze zet in de categorie "sjablone".
Sterker is het ontpennen en activeren van de toren middels 18. Ra7 c5 19. d5 en de stelling is praktisch in evenwicht.

18... c5
Weer een lastig moment. Ik merkte dat d4 onvoldoende beschermd was. Toen zag ik dat, na Pb3, pion c4 indirect gedekt is.(FL)

Zwart staat iets beter vanwege de druk die hij uitoefent op pion d4 en de diagonaal a1-h8.

19. Nb3 ?! 

Frans L plaatst nu een venijnige boobytrap!

19....Nxc4 ?
Ik vermoed dat Frans H goed heeft overwogen of hij de Griekse Gift mocht accepteren.

20. Nd5!

De prachtige pointe van het pion offer. Wit zet nog een stuk en prise, waar je beter van kunt afblijven.

20....Be6 21. Nxf6+ Qxf6 22. Bxc4 
en wit heeft een vol stuk gewonnen. De zwarte stelling valt daarna snel in elkaar.

22...d5 23. Bf1 cxd4 24. Nxd4 Rbc8 25. Qa4 Bd7 26. Qa7 Rb8 27. Rec1 Qd8 28. Qc5 Qf6 29. Qxd5+ 1-0

 

Schaakkalender

Oktober 2019
Z M D W D V Z
1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 31

Zoeken

Gebruikers Menu

Ga naar boven
JSN Boot template designed by JoomlaShine.com